Exorfine belasting
Exorfinen belasting
Exorfinen zijn stofjes die gevormd worden uit gluten, melkeiwit (caseïne), soja,
spinazie en sommige schimmels. Ze geven een morfineachtige werking waardoor
ze populair zijn. De werking van de lichaamseigen endorfinen wordt afgeremd. Er
ontstaat tijdelijk een gelukkig of rustmakend gevoel na het nuttigen van brood,
pizza, pasta, melk, kaas, koekjes en roomijs. Het gebruik van tarwe en
melkproducten is de laatste jaren enorm toegenomen, evenals de
glutenconcentraties in tarwe. Al deze voedingsmiddelen bevatten de zogenaamde
exorfinen.
Exorfinen behoren tot de opioïden. Dit zijn opiaatachtige stoffen die de werking
van de lichaamseigen endorfinen afremt. Exorfinen worden opgenomen uit
gedeeltelijk verteerd voedsel. Deze opioïde peptiden die door oorzaken van
buitenaf (exogeen) het lichaam binnendringen zijn de tegenhangers van
endorfinen.
Exorfinen hebben hetzelfde effect als endorfine en morfine. Opioïde peptide systemen in de hersenen staan er om bekend dat zij een belangrijke rol spelen in
de motivatie, emotie, hechting, de reactie op stress en pijn en de controle van
voedselinname.
Onderzoek heeft aangetoond dat exorfinen in de bloedsomloop terecht komen
en door de darmwand passeren die aangetast is door verworven of genetische
aandoeningen. Ze bereiken het centrale zenuwstelsel waar zij neurotransmissie
moduleren en het gedrag kunnen beïnvloeden. Tevens spelen zij mogelijkerwijs
een rol in bepaalde mentale stoornissen.
Exorfinen in relatie tot ADHD
Er wordt een relatie gelegd tussen gluten en autisme, een hersenaandoening die
optreedt op jonge leeftijd. In studies wordt een verhoging van opioïde stoffen in
de urine gevonden. Ook heeft de Hopkins Universiteit in 2012 een theorie over de
relatie tussen schizofrenie en gluten-exorfinen gepubliceerd.
Voeding die exorfinen bevatten zoals gluten, melk, soja en spinazie belemmeren
de werking van ons endorfinesysteem waardoor de vrijgave van dopamine wordt
geremd. Mensen met een exorfinen intolerantie ervaren meer stress, zijn
gevoeliger voor zintuigelijke prikkels en hebben een enorme gevoeligheid voor
geuren. Sommige mensen ruiken geuren die door andere mensen niet
waargenomen worden. Eetstoornissen, angst, aandachtstoornis, verslaving,
impulsiviteit, dwangmatig gedrag, spanning, hypergevoeligheid voor aanraking (bij de hoofdstreek), endogene depressie, stressstoornis, astma, autisme, psychose, schizofrenie, chronische vermoeidheid, autoimmuunziektes, ADD, ADHD, ASS en laaggradige ontstekingen zijn een aantal
kenmerken van een door exorfinen falend endorfinesysteem.
Een normale DPP-IV enzymproductie zorgt voor een normale vertering van de
gluteneiwitten en door een tekort aan dit enzym kan een endorfineresistentie
ontstaan, met als gevolg een tekort aan dopamineproductie. Mensen met een
exorfine-intolerantie kunnen beter geen gluten, melk, soja of spinazie nuttigen.
Exorfinen worden door het enzym DPP-IV omgezet in aminozuren. Het gebruik
van supplementen met DPP-IV kan een uitkomst bieden bij deze mensen.
Het is niet altijd mogelijk een dieet te vrijwaren van gluten en caseïne. Mede door
het grote voedingsmiddelenaanbod en de verslavende effecten van deze
voeding worden ze toch gegeten. Een van de enzymen die nodig is bij de
vertering van deze hardnekkige peptiden is Dipeptidyl peptidase IV (DPP IV).
DPP IV is normaliter in de dunne darm aanwezig en zorgt hier voor het verteren
van o.a. gluten en caseïne. Wanneer er echter onvoldoende van dit enzym
aanwezig is, kunnen deze peptiden niet worden afgebroken en kunnen personen
die overgevoelig zijn voor gluten verschillende buikklachten ervaren.
De activiteit van het DPP-IV enzym neemt onder andere af door cortisol (stress),
medicatie, het gebruik van teflonpannen, fluor, fosforzuur in frisdranken en
natuurlijk E621.
Wanneer de exorfinen belasting hoog is, kan endorfineresistentie ontstaan.
Endorfinen zijn de lichaamseigen anti-stress stofjes. Ze zijn snelwerkend en
activeren o.a. dopamine en GABA. Er kunnen allerlei klachten ontstaan door
endorfineresistentie, zowel lichamelijk als mentaal.
Voorbeelden endorfineresistentie
• Onrust en slaapproblemen (door verminderde GABA-werking)
• Impulsiviteit, restless legs, tics
• Gespannen slokdarmklep
• Motorische problemen, Parkinson
• Extreme vermoeidheid, verlaagde cortisol en burn-out
• Moeite met loslaten van nare ervaringen, angsten en trauma’s. Toename
van angsten (bijv. PTSS, hyperventilatie en fobieën) en lichamelijke
spanningen (hernia, gespannen spieren in bijv. nek, hals, schouders, rug en
borstbeen)
• Verminderde ontgifting
• Overmatige NMDA-activiteit (piekeren, malende gedachten, druk in het
hoofd, oorsuizingen)
• Calciumverlies en osteoporose
In de test zijn de exorfinen gerelateerde klachten te zien in de hiernavolgende
parameters.
Neurotransmitters zijn laag (meestal GABA, dopamine en in iets minder mate
serotonine). In ernstige gevallen is er endorfineresistentie/deficiëntie en is er
sprake van een verlengde stressreactie en een sympathische verstoring.
Daarnaast is er in de darm sprake van DPP-IV (4) deficiëntie. En is er bij de
energetische intolerantie een exorfinen belasting zichtbaar.
Afhankelijk van de ernst van de verstoringen wordt er in ieder geval een
exorfine- vrij dieet voorgesteld eventueel aangevuld met DPP-IV.